Verkiezingen

Deze dagen denken wij, hopelijk, allemaal een beetje na over het politieke landschap van Nederland.  Volgende week zijn de verkiezingen. Ga stemmen !

Ook al ben ik oud, ik krijg in deze dagen vaak de vraag voorgelegd: “op wie moet ik stemmen?”. Eigenlijk is deze vraag al boeiend. Ze vragen niet “ op welke partij moet ik stemmen?”, maar op WIE moet ik stemmen.

De poppetjes worden steeds belangrijker. Ik ben het daar niet erg mee eens.

Ik vind het bijvoorbeeld een dwaas gedoe, dat de journalistiek zo’n enorm punt maakt van het feit dat Omzigt niet wil zeggen of hij premier wil worden. Wat doet dat er nu eigenlijk toe? Misschien is er een hele bekwame mevrouw of heer van buiten de politiek die dat goed zou kunnen. De geschiedenis laat zien dat lang niet altijd de lijsttrekker van de grootste partij ook minister president werd. Laten we duidelijk zijn. Er komt straks een nieuw KABINET. Dat zijn een stuk of 12 ministers (tegenwoordig een handjevol meer!)  Onze nieuwe Premier heeft helemaal niet zoveel extra macht. Hij moet de boel bij elkaar houden, zoals Job Cohen het ooit zo mooi zei, toen hij Burgemeester van Amsterdam werd. Ook het buitenland beleid kan heel goed en gewichtig door een minister van Buitenlandse Zaken worden gedaan. Denk aan Luns. Hij was heel lang het gezicht van Nederland. Natuurlijk realiseer ik mij wel, dat tegenwoordig op Europees niveau de Europese Raad van Regeringsleiders over gewichtige zaken moeten besluiten. En dus is de positie van een Premier inderdaad wel “machtiger”  geworden.

Een tweede vraag die ik mij steeds gesteld wordt is, waarom wordt de kiesdrempel niet verhoogd? Wat moeten we met al die kleine ukjes (pleonasme?) in de Kamer? Het antwoord is simpel. In het Parlement is geen meerderheid  te vinden voor een verhoging van de kiesdrempel. Daar kan je lang of kort over zeuren, het is nu eenmaal zo. Beter is de oplossing, waarover Paul Scholten* in een interessant boekje schreef: De Tweede Kamer Verkiezingen in twee termijnen laten plaats vinden. Na de eerste ronde blijven de zes grootste partijen over. De keuze op het tweede stembiljet is dan tussen die zes partijen. Een ieder heeft de mogelijkheid gehad om op de partij van zijn of haar keuze te stemmen. Dus er worden geen stemgerechtigden buitengesloten. Of dit ooit een meerderheid in beide Kamers zal halen is ook zeer de vraag.

Ik volg alles nauwgezet, en moet soms glimlachen om de reacties van de journalisten. Zij verzuchten de laatste weken, dat  de debatten saai zijn, maar dat er wel inhoudelijk wat gezegd wordt. Ik vind het heel sneu voor het journaille dat het saai is, maar echt prima  voor de kiezers. Bij vorige verkiezingen werd enorm geklaagd dat er “zo op de man werd gespeeld”  beledigingen vlogen over en weer, en het ging nergens over.

Ik moet stoppen, want ik vind nog een heleboel………..

Dit had ik dus allemaal al geschreven toen ik woensdag het verhaal in de NRC van de historicus Jan Dirk Snel las, dus dit is een beetje dubbelop. Maar ongetwijfeld leest niet iedereen de NRC. ( ik heb ook alleen nog maar de digitale versie)

*Ik schreef al eerder een blog over Paul Scholten