Wiegel en Dolorosa

Na het overlijden van grote Frits en kleine Frits is nu ook Hans Wiegel overleden. Dat zal niemand zijn ontgaan. Ook hem kende ik heel goed. En natuurlijk zou je verwachten dat ik hier nu een vlammend, mooie blog over hem zou schrijven. Dat doe ik, na lang wikken en wegen, niet. Mijn verhaal zou duidelijk veel kritischer zijn dan alles wat iedereen heeft geschreven en gezegd. En het is nu eenmaal zo, over de doden niets dan goeds. Natuurlijk was ik altijd zeer onder de indruk van zijn gave om te spreken in het openbaar en de geweldige wijze waarop hij met mensen kon discussiƫren. Maar er is meer. Ik heb een redelijk nauwkeurig verslag bijgehouden van de nacht van Wiegel. Dat ligt veilig opgeborgen in het Rijks Archief en zal ooit wel (of niet) openbaar worden. Ook zijn vertrek uit de Eerste Kamer verdient geen schoonheidsprijs. Zo is het!

Vorige week lunchte ik met een oud schoolvriendinnetje van mij Dolorosa Margulis in Hotel Des Indes. Zij werd begeleid en ondersteunt door haar man, David, en een vriend des huizes, een andere David. Dat was wel nodig, het is een indrukwekkende vrouw. (poepie rijk). Ze woont in Portland, Oregon, David is haar vierde echtgenoot en… guess what? alle drie zeer Republikeins!!! David vertelde dat zijn familie al generaties lang een juweliersbedrijf heeft in het centrum van Portland. Ongeveer 10 jaar geleden ging het fout met het bedrijf, omdat mobs en bendes de autonomie in het centrum van Portland overnamen. Hij moest zijn winkel en bedrijf sluiten. Nu, onder Trump zijn de grenzen dicht en komt er geen vluchteling meer in, volgens hem. Ik ben, een beetje laf, de discussie hierover niet aangegaan.

Het is bijzonder dat zo’n vriendschap na 80 jaar nog bestaat. Echt 80 jaar! Ze heette toen Dolly Rubens. Ze vertelde mij nu weer dat zij in de oorlog ondergedoken had gezeten omdat haar vader Joods was, haar moeder was Nederlands. Eind 1944 kwam ze bij mij in de klas in een (donkere) garage van de familie Philips. Onze echte school moest nog worden opgeknapt na de bezetting door de Duitsers. We waren allebei 7 jaar. Voor haar was het de eerste keer dat ze met andere kinderen in aanraking kwam, en volgens haar ben ik toen heel lief voor haar geweest. Ik kan mij daar natuurlijk niets van herinneren, een overdreven verhaal. Ik koester mijn vriendschappen. Nu ik oud ben realiseer ik mij des te meer, dat vriendschappen koesteren niet vanzelf gaat. je moet zelf initiatieven nemen, anders gebeurt er weinig.

Nog even iets heel anders: wat is het een genot dat de dagen zo lang zijn. Prachtig, die zon die maar niet onder wil gaan.