Eergisteren liep ik met twee vriendinnen op straat na te praten over een boek. We hadden net geluisterd naar een machtig interessante lezing over dat boek .
(Birds of America, schrijfster: Lorrie Moore ). Eén van de verhalen gaat over een vrouw die een nieuwe baan aangeboden krijgt, een mooie baan, maar wel een baan waarbij ze veel in de schijnwerpers zal staan en moet spreken voor grote groepen mensen. Ze heeft angst om te spreken in het openbaar. Daar gaat het korte verhaal over en daar spraken wij over op straat. Ik zei toen dat ik mij heel goed kan voorstellen dat iemand angst heeft om te spreken in het openbaar. Beide vriendinnen lachten mij een beetje uit: “Jij? kom op, dat heb je zo vaak gedaan in je leven!” Dat is natuurlijk waar, maar altijd, altijd was ik zeer gespannen voor een optreden, waar dan ook. De adrenaline gutste door mijn lijf (zoals dat tegenwoordig heet) en ik wilde het liefst rechtsomkeert maken.
Ik weet alleen niet of je het “angst” moet noemen. Een gezonde dosis spanning? Maar wat is dan eigenlijk “gezond”? Ik vond het geen prettig gevoel.
Ik las in die tijd een autobiografie van Liv Ullmann, een bekende actrice en filmster. Zij schreef, dat ze altijd stond te beven als een rietje, voordat ze tussen de coulissen uit moest komen. Dat heeft mij enorm geholpen. Mijn spanning werd niet minder, maar het was dus kennelijk redelijk normaal. Deze week op de TV vertelde een voetballer, dat zijn lijf gierde van de zenuwen voor hij het Stadion binnenliep. Dat is dan niet spreken in het openbaar, maar een bal raken met je voet en proberen niet in je eigen doel te schieten, is ook best heel griezelig. Tjonge wat was dat spannend gisteravond! (alhoewel ik moet bekennen dat ik alleen de laatste drie minuten keek).
Verzonden 9 mei om 14.26 uur